(tekst: Mariëlle Osté)
Was het tien jaar geleden nog de gewoonste zaak van de wereld om langdurig 'identiteit' te zoeken, vandaag de dag doen we liever een workshop van een dag. Een van de meest succesvolle trainingen op dit moment is Mind Tuning, ontwikkeld door ondernemer/trainer Pieter Frijters. Zijn motto: hou op met graven in het verleden of zoeken naar jezelf. Het levert uitsluitend 'psychologisch geleuter' op. Want: 'U zult zoeken tot u een ons weegt.'
'Draaien. Draaien. Nog eens draaien.'
Onze hoofden draaien van links naar rechts. En weer terug.
'Andersom, lichaam draaien en hoofd stilhouden.'
Het is tien uur, dinsdagochtend. Wij bevinden ons in een zaaltje in Waddinxveen rond een carrévormige tafel. Gelukkig zijn we op de derde verdieping zodat niemand ons kan zien door de enorme glazen wanden. Wij draaien de romp en richten onze blik op Pieter Frijters, die een groepscoaching Mind Tuning leidt en uitlegt dat zelfverzekerde mensen altijd flink met hun hoofd zwiepen, en onzekere mensen vanuit hun ooghoeken schielijk de wereld waarnemen. Wie onzeker is, moet gaan draaien met dat hoofd, dan volgt de zekerheid vanzelf. Mind tuning. Het schijnt een reuze effectieve en snelle manier te zijn om gelukkig en zelfverzekerd door het leven te gaan. Draai aan de knoppen van je eigen geest en stel deze als een radio zuiver af. Mind tuning. Vooralsnog draait vooral het hoofd...
Ik kijk tijdens het heftige hoofddraaien naar het grote balkon achter de glazen deuren, en naar mijn mede-cursisten, negen mannen en acht vrouwen. Een paar minuten geleden zwegen we allemaal. Onhandig rommelden we met onze koffie, wachtend tot Pieter Frijters, een charismatische veertiger zou arriveren. Je kunt immers slecht zeggen: Hallo, ik ben Hanna, dierenarts met aanleg voor hartritmestoornissen en fobieën. Waarna de gesprekspartner zegt: Aangenaam, ik ben Rob, ondernemer en overspannen.
In deze praktijkruimte van Pieter Frijters gaan we vandaag een training Mind Tuning doen. Ofwel: zelf leren draaien aan de knoppen van onze eigen 'mind' en daardoor gelukkiger en zelfverzekerder worden. Frijters geeft groepstrainingen, seminars en individuele sessies. Hij coacht managers naar een ontspannen presentatie, helpt chirurgen hun zenuwen beheersen, en boekt zeer redelijke resultaten bij hardnekkige fobieën of examenvrees. Hij schreef het boek 'Van fobie naar vrijheid'. De laatste tijd gaan ook psychologen uit het reguliere circuit bij hem in training en bekende Nederlanders als Henk Westbroek doen door Frijters gecoacht het gevreesde autorij-examen. Mind tuning heeft volgens mensen die een training deden niets met occulte hocus pocus te maken, lijkt volgens mensen niet op Ratelbands tjakka-sessies, en werkt soms (overigens lang niet altijd) al in een dag. Rond de duizend mensen per jaar doen aan Mind Tuning, laat Frijters weten, waarvan 350 mensen groepscoachings volgen, ongeveer 600 een sneltraining spreken in het openbaar, en vijftig mensen privé-sessies volgen. Een tweedaagse training kost 760 euro, een seminar 60. De website belooft een therapie die wél alternatief is - maar niet zweverig. Groepscoaching heeft een slagingspercentage van 80 tot 90 procent. Geblaaskaak over steenkolen zal er niet bij zijn, evenmin als een zoektocht naar identiteit.
Wie zoekt naar zichzelf, zit volgens Frijters namelijk op de verkeerde weg, en is verzeild geraakt in 'psychologisch geleuter'. Frijters: 'U kunt dan zoeken tot u een ons weegt en u zult tot de ontdekking komen dat u zichzelf nooit kunt vinden. Niet in de kast, niet onder het bed, nergens. Er is niets dat meer energie vraagt dan op zoek gaan naar uzelf. Uw geest kan eenvoudigweg niet met zo'n vraag omgaan.'
Niet dat Frijters ontkent dat psychologische problemen kunnen ontstaan door jeugdervaringen. Natuurlijk kan dat. Je kunt best claustrofobisch worden als je ooit bent opgesloten. Maar ja: dan weet je dat. En dan? De meeste mensen worden niet erg veel gelukkiger van die wetenschap. Veel beter is het, vindt Frijters, om je huidige functioneren te bekijken, aan 'de knoppen van de geest te draaien', zodat je je morgen weer prettiger en zekerder voelt in het leven.
We zijn uitgedraaid (met onze hoofden), Frijters gaat praten en ondervraagt ons kriskras door elkaar. 'Wat kan er in jouw leven beter?' 'Waar zou je gelukkiger van worden?' Iedereen weet dat ook Pieter Frijters ooit ten prooi was aan angst, onzekerheid en burn out, - misschien dat hij daarom het traditionele voorstelrondje-op-volgorde overslaat. In ieder geval is dat prettig voor Hansjan (56, ambtenaar bij een gemeente), die kampt met zweetangst, Louise (38 en verpleegkundige), die tobt met bloosangst, en Jeroen (40 en verkoopleider), die zijn trilangst wil overwinnen. De bedrijfspsychologe die graag haar presentaties tiptop voor elkaar wil hebben had het wel gedurfd, evenals de ondernemer (Rob, 52), die na vier succesvolle bedrijven zijn motivatie en 'drive' kwijt is. De gestresste muzikante heeft ook geen last van sociale angst. Maar zo'n rondje is niet nodig: in de loop van de dag kent iedereen elkaars sterke en zwakke kanten.
Stop met focussen
Frijters begint met een indrukwekkende lijst tips en trucs om de 'mind' te 'tunen', tips waar overigens iedereen wat aan zou kunnen hebben - beslist niet alleen onzekere mensen. Het belangrijkste onderwerp van deze ochtend gaat over beeldverruiming. De manier waarop mensen kijken is van groot belang voor het geestelijk welzijn. Frijters legt uit: 'Zodra je verkokerd gaat kijken, krijg je problemen. Dat klinkt logisch bij een spinnenfobie: iemand met een spinnenfobie ziet zo'n klein spinnetje in een immense ruimte op zijn netvlies als een reusachtig monster. Maar heel veel mensen, ook niet-fobische mensen, kijken verkokerd. Het bewijs ligt op straat. Onzekere mensen kijken allemaal vanuit hun ooghoeken. Mensen focussen op de auto voor zich in de file. Mensen letten op iets speciaals waar ze ongerust over zijn, waardoor ze nog ongeruster worden. Zelfverzekerde mensen zwaaien de hele dag met hun hoofd en kijken overal naar. Ze zien achtergrond én voorgrond.'
Het kwartje valt. Ik snap waarom we als gekken met ons hoofd moesten draaien... de kunst is om een brede blik te krijgen, maar zo min mogelijk te focussen en scherp te stellen. Zeker voor mensen die moeite hebben om snel scherp te stellen met hun ogen is dit belangrijk. Ieder ogenblik op iets anders focussen met je ogen maakt duizelig, misselijk en zet bovendien aan tot angstreflexen en verkokerd kijken. Niet zelden is zo'n kort duizelmoment de simpele aanleiding voor verwarring, die kan uitgroeien tot een ernstige fobie, beweert Frijters. Want hoewel Frijters zich dan wel niet afzet tegen reguliere psychologie is hij hiervan overtuigd: lang niet alle angsthazen zijn getraumatiseerd en lang niet alle getraumatiseerden zijn angsthazen.
Snelle reflexen
'Kijk naar mijn hand,' zegt Frijters.
Hij steekt zijn hand op. Ik staar naar de zijne. Beetje grof. Geen pianovingers, maar verder heel gewoon. 'Reageer nu met een trap van je voet als mijn hand beweegt,' zegt Frijters.
Ik trap, samen met de groep. Achttien roffelende voeten. Vreemde oefening.
'Kijk nu met een brede blik in de verte, blik op oneindig, focus niet op de hand, en trap opnieuw bij beweging, 'commandeert Frijters.
Mijn ogen dwalen rond in de ruimte, zien vaag rondborstige kleurige beeldjes, geinspireerd op de popart van Niki de st. Phalle. Ik zie Frijters gezicht, en dat van de mopperige manager die dit zichtbaar ook maar een rare oefening vindt en ik dwaal weer terug naar de borstbeeldjes.
De hand van Frijters beweegt en ik reageer net als de anderen direct, in een splitsecond. Verbazing alom. Want ja, wie doet er nu dagelijks een reflextest? Reflexen zijn aantoonbaar stukken sneller als je niet focust. Focussen is dus niet alleen onprettig voor je ogen, maar ook volstrekt overbodig. En in het geval van files en bumpers zelfs gevaarlijk. Frijters: 'Twintig procent van de mensen kampt met een al dan niet lichte functie-afwijking van de ogen. Die heb je als je langzaam scherp stelt. Als je bijvoorbeeld duizelig wordt als je onderaan een hoog gebouw staat en naar boven kijkt. Als je dan denkt: ik val. Dat is niet erg, oogartsen kunnen er ook niet veel mee, maar mensen die langzaam scherpstellen krijgen bijna zeker ooit in hun leven een keer een psychologische klacht.'
Irene (zelfstandig onderneemster), die naast me zit herkent zich helemaal. Al jaren last van duizelingen, als kind al gevoelig voor wagenziekte, en na al die fysieke klachten begon ze te hyperventileren. Uit hypochondrische angst voor neurologische aandoeningen? De neuroloog dacht aan MS en keerde haar binnenste buiten. Zelf was ze ook nog bang voor een tumor: soms was ze hele seconden 'weg'. Na geruststellende MRI-scans gingen haar klachten niet over. Was het dan stress? Frijters laat haar uitleggen hoe ze in haar drukke bestaan op het einde van de dag door een supermarkt rent. Hier de koffie, daar de frisdrank, hup het wasmiddel en waar is de kassa. Voor niemand prettig om op al die kleine dingetjes te focussen - maar voor Irene met haar trage ogen dus al helemaal niet. Je kunt ook koffie pakken zonder scherpstellen, en switchen naar de kaas met een brede blik zonder focus, adviseert Frijters. Irene vertelt dat ze graag hardloopt, maar niet op een weg met stenen. Al die randjes en voegjes... Gek wordt ze ervan. Frijters lacht. Het is een bekende klacht: joggers die gek worden van het focussen. Beter is het altijd vooruit te kijken, je ziet het obstakel toch wel. Sterker, je struikelt eerder als je op obstakels inzoomt. Nergens op focussen en blik op oneindig.
Oplossing voor blokkades
Frijters geeft Jeroen een hand. Jeroen aarzelt maar schudt dan toch Frijters' hand. Nee. Niet naar die hand kijken. Gewoon naar iemands gezicht. Ooit gezien dat iemand 'miste'? Dan vraagt Frijters mij om hem in de ogen te kijken en vervolgens te vertellen wat ik tijdens mijn laatste vakantie heb gedaan. Het lukt alleen als ik mijn ogen afwend van de zijne. Vreemd.? Nee, helemaal niet, legt Frijters uit. Wie een verhaal wil vertellen moet beelden 'ophalen' en daartoe moet je met brede blik kijken. Af en toe wegkijken van je gesprekspartner is juist logisch en goed, anders blokkeer je. Last van blokkades bij het spreken? Hier ligt de oplossing. Vertellen en focussen tegelijk is bijna onmogelijk. Dat geldt ook voor luisteren. Want ook wie goed luistert, moet beelden ophalen. Een goed luisteraar kijkt je dus niet in de ogen. Het is dan ook, benadrukt Frijters, dikke onzin om iemand in de ogen te willen kijken. Op een meter of vier afstand ziet je gesprekspartner het bovendien helemaal niet als je ogen 'glijden' over neus, lippen, wenkbrauwen en wangen. Het is een tip voor mensen die zeker over willen komen tijdens een presentatie. Veel met je hoofd draaien, iedereen aankijken, dat wel, maar... niet focussen op iemands ogen. Altijd meer zien dan alleen die ogen. Van een brede blik word je zekerder én handiger én je ziet meer.
Frijters pakt een tennisbal en gooit naar Irene. Fout. Niet naar de bal kijken. Mensen vangen beter als ze wel kijken maar niet focussen. En hier zit de kern van Mind Tuning: als je je blik weet te verruimen, krijgt je gevoel bij een situatie een andere lading en ben je de 'ruis' kwijt. Frijters voert manager Jacob (met kantoorstressklachten) mee naar zijn werk in een geleide fantasie. Wat ziet hij? Hij ziet zichzelf, totaal verstard. Kijk naar je omgeving, commandeert Frijters. Wat ziet hij? Welke kleur? Een donker beeld. Frijters fantaseert er open ramen, collega's en voorbijwandelende fraaie dames bij, schilderijen aan de muur, telefoons, koffiekopjes en licht en kleur. Dat moet helpen om zijn beeld zuiver te krijgen. Dianne, die al tien jaar straatvrees heeft, wordt door Frijters geleid naar een drukke kassa ('Kijk achter en naast de kassa, naar die oude dame.').
Louise met bloosangst zegt dat ze 38 is, wat iedereen verbaast. Ze lijkt 25, klinkt het bewonderend. Louise bloost. Blozen is een fantastische schoonheidsbehandeling, legt Frijters uit, de warmte en doorbloeding reinigt en prikkelt de huid, die jong en fris blijft. Louise wil toch liever zonder blozen door het leven en dan maar 38 lijken. Wat ze doet om niet te blozen, vraagt Frijters. Constant denken natuurlijk: als ik maar niet bloos... Dat is, zoals met alle ongewenste geestelijke kwaaltjes, precies de verkeerde manier. Juist afleiding helpt. Stoppen met focussen. Blikverruiming. Frijters grinnikt en zegt: 'Loof honderduizend euro uit om twintig seconde te blozen. Wedden dat het niet lukt. Bel Frits om het op te nemen.'
Frits is de Hilversumse radiomaker die deelneemt aan de training om zijn angst voor haperen tijdens het spreken te overwinnen. Hij hapert nauwelijks, trouwens. Hij wordt ook gered door de techniek, verklapt hij grijnzend, want hij knipt na zijn interviews gewoon de haperzinnen eruit en spreekt ze in een studio zonder mensen probleemloos en perfect weer in. Maar hij wil niet meer stotteren.
Formuleer nooit wat je niet wilt, adviseert Frijters. Ik wil niet trillen, ik wil niet haperen, niet zweten, ik wil niet in paniek raken, niet blozen, ik wil niet stotteren, ik wil niet... dat heeft een omgekeerd effect: het gebeurt juist. Formuleer wat je wel wilt. Jezelf prettig voelen en zelfverzekerd door het leven gaan. Als je dan toch nog denkt aan een probleemsituatie, verruim dan je blik.
Lachen helpt
Ook klank en taal kunnen helpen om de 'mind' te tunen', zegt Frijters. Waarneming en gevoel zijn immers grotendeels afhankelijk van taal. En aan elk woord zit een beeld vast én een klank. Voor Louise is het woord blozen donker, voor Dianne is de kassa een donkere hel, voor Jacob de werkplek grijs en grauw. Frijters begint weer met trucjes: draai de woorden om. Bang voor paniek bij de kassa? Denk voortaan aan keinap bij de assak. Grote kans dat je een paar keer moet lachen, waardoor de zwaarte vermindert en het kassabeeld weer helder en realistischer wordt.
Frijters ondervraagt Celine, de gestresste muzikante. Ze maakt zich overal druk over, zegt ze. Niet over haar werk, het werk gaat goed, maar zodra het over haarzelf gaat is ze onzeker. Ze vertelt over ongewenst bezoek, dat ze niet durft weg te sturen. Terwijl ze praat verdwijnt de inspirerende vrouw die eerder zo boeiend over haar zangkoren en arrangementen vertelde. Een onzeker grijs muisje blijft over. Frijters vraagt of ze accenten kent. Ze mag nu haar verhaal in het Limburgs doen. Ze imiteert volmaakt. Frijters vraagt haar een Engels sprekende Fransman na te doen. Briljant. En hoewel ze hetzelfde onzekere verhaal vertelt heeft haar verschijning nu kleur. Frijters: 'Iemand die zo klankgevoelig is als Celine, hoeft geen psychologisch probleem te hebben. Zo iemand kan zichzelf moeiteloos 'tunen'. Woorden die je dagelijks gebruikt voor een negatief gevoel hebben een zware en zwarte lading, maar met een andere klank kun je de beelden veranderen en relativeren.' Hanna, de dierenarts met hartklachten, mag nu een Surinaamse Nederlander nadoen met gezellige ronde oewee's. Als ze vertelt hoe bang ze is voor haar hart en dat ze door een lastige situatie op haar werk én stress én hartklachten krijgt, schiet ze onbedaarlijk in de lach. Frijters is tevreden.
Prins Charles
Frijters vertelt een anekdote over de succesvolle chirurg die hij behandelde, een chirurg met trilangst. Die trilangst had hij alleen met hechten, niet met snijden en hakken. En omdat de chirurg al op leeftijd was, en hoog in de pikorde, kon hij levenslang wegkomen door het hechten over te laten aan zijn team. Alleen: hij werd opeens ingedeeld in een spoedrooster, kon opgeroepen worden voor spoedoperaties waarbij hij zelf moest hechten. Trillend hechten. Het zweet brak hem uit en hij consulteerde Frijters. Frijters: 'Hij was ook iemand die goed accenten kon nadoen. Ik vroeg wie hij graag imiteerde. Dat was prins Charles. Dat superbekakte accent. Dus we oefenden door die hechtsituatie onder woorden te brengen in dat Engels. Op een nacht werd hij inderdaad opgeroepen voor meerdere spoedoperaties. Hij vertelde me dat hij niet getrild had, en zichzelf met prins Charles aan de hand door de ziekenhuisgangen en operatiezaal had verplaatst. Letterlijk, hij sprak doorlopend in zijn fantasie tegen de denkbeeldige prins en hij vond dat zelf hoogst grappig. Later was hij geheel van de trilangst genezen, omdat het beeld van die hechtsituatie luchtig was geworden.'
Jeroen, de verkoopleider, zit hoopvol te luisteren. De groep heeft al mogen zien hoe hij onbedaarlijk met zijn kopje koffie trilde. Nee, voor een stal koeien of in zijn eentje heeft hij daar geen last van - dus er is niets mis met zijn spieren. Niet naar je kopje kijken, nooit naar je kopje kijken als je het pakt of draagt, ook niet als je iemand een kopje aangeeft, adviseert Frijters. Iemand ooit naast het oortje zien grijpen? Je hoeft niet te focussen. Denk niet: ik wil niet knoeien. Denk: ik wil praten. Praat, en kijk naar wat anders.' Frijters komt uit bij ademhaling, geëigend onderdeel van welke therapeutische workshop dan ook. Frijters: 'De beste manier om hyperventilatie te krijgen is ademhalingstherapie. Een normaal mens is niet met zijn ademhaling bezig. Let dus nooit op je ademhaling. Een diepe ademhaling kan in sommige situaties zelfs schadelijk zijn.'
Stevig staan
Om vijf uur komt Frijters met zijn uitsmijter: het 'aarden'. Elk mens heeft er baat bij, want wie stevig staat, komt stevig over. Frijters, niet geplaagd door bescheidenheid: 'Het is een enorme ontdekking geweest, waar ik octrooi op wilde aanvragen. Ik ontdekte het pas nadat ik zelf 20 jaar aan vechtsport deed, en ik ontdekte dat ik zelfs sportleraren nog iets kon leren.'
Jacob (de manager) trekt een wenkbrauw op. Je ziet hem denken: praatjesmaker. Frijters merkt het meteen en nodigt hem uit naast hem te staan. 'Ik duw je omver.' Twee mannen van elk meer dan honderd kilo voor een groep gelukzoekers: het hééft iets goedkoops. Maar Frijters houdt het beschaafd, geeft Jacob een zet waardoor hij wankelt en commandeert dan: Ontspan je tenen, dat reduceert angst. Doe je tong omhoog, dat ontspant. Focus nergens op. Het belangrijkste: draai je hoofd helemaal naar de richting waarin ik je wil duwen en houd dat denkbeeldige doel in het midden van je blik. Frijters duwt opzij en Jacob, die sceptisch was, is stomverbaasd. Er is geen beweging in hem te krijgen. Irene, die duizelig en moe wordt van focussen, mag proberen de hand van Frijters naar beneden te duwen. Het lukt niet. Nee, natuurlijk niet. Ze staart naar de hand. 'Niet focussen. Niet naar die hand kijken, maar naar het doel. Kijk naar het punt eronder, waar je die hand hebben wil.' Irene duwt, en Frijters ziet zelf verbaasd toe hoe ver ze komt nu. Maar ze deed dan ook vroeger aan topsport.
Naar het doel kijken, legt Frijters uit, is een metafoor. Alleen een brede blik gericht op het doel, geeft kracht. Dat geldt behalve voor sport voor het hele leven. Het leven is morgen - niet gisteren. Rob, die na het succes van al zijn bedrijven uitdaging mist en slecht kan genieten, knikt als Frijters zegt: 'Als je doelen wegvallen, val je zelf ook weg. Het is een bekend probleem voor mensen die vroeg stoppen met werken. Ze hebben geld, een mooi huis en denken: nu gaan we genieten. Dat lukt dan niet. Het lukt wél als we weer doelen zien in de verte en die na gaan leven. Niemand kan zonder uitdaging.'
Wat is Mind Tuning
Mind Tunig is een psychologische visie over het onderbewuste. Als een radio (tuner) niet goed is afgestemd, dan word je afgeleid door ruis. Dat is ergelijk. Ergernis verdwijnt als we de juiste frequentie vinden. Dit beeld is vergelijkbaar met de menselijke geest (mind). Iedereen heeft volgens Frijters het vermogen deze zelf af te stemmen (tunen). Wie angst en onzekerheid heeft ontwikkeld, of depressieve gevoelens, kan volgens deze visie dus zelf leren draaien aan de knoppen van de geest. Mensen die verkokerd kijken, hebben negatieve en irreële gedachten. Door diverse oefeningen kun je je blik weer verruimen en negatieve gedachten relativeren. Ook mensen die niet onzeker zijn zouden er baat bij hebben. Volgens Frijters kan bijvoorbeeld iedereen met deze methode leren spreken in het openbaar. Mind Tuning is geschikt voor mensen met angsten, paniekstoornissen of burn out. De methode is ongeschikt voor mensen met psychische ziekten zoals schizofrenie of borderline.
Terug naar Meningen in de media